RET Metro ATB

02-01-2006 | Remy van Elst


Table of Contents


Daar RETMetro.nl opgehouden is te bestaan is getracht een aantal artikelen te herstellen zodat waardevolle informatie beschikbaar blijft.

Source

Automatische Treinbenvloeding (ATB)

De Rotterdamse Metro is uitgerust met een ingenieus seinsysteem. Zo kent de Rotterdamse metro geen lichtsignalen langs de hoofdbaan, met uitzondering van het sneltramtrac. Op de emplacementen wordt gebruik gemaakt van een ATB-signaal en een dwergsein, omdat hier een lager beveiligingsniveau gehandhaafd wordt.

Automatische Treinbeinvloeding, wat is dat?

Automatische Treinbeinvloeding (ATB) is een systeem dat geen gebruik maakt van seinen langs de baan, maar van lichtsignalen in de cabine. Deze worden aangestuurd door ATB-zenders die een frequentie tussen de 370 en de 570 Herz via de sporen naar de trein in een 'sectie' sturen. Een sectie kan 60 tot 300 meter lang zijn. De secties worden bewaakt door een relaissysteem, dat waarneemt of een 'sectie' bezet of vrij is. Als er spoorbreuken zijn, treed ook een bezetmelding op. Soms treden er onterecht bezetmeldingen op. Dit wordt een 'valse bezetmelding' genoemd. De ATB-signalen in een sectie worden opgepikt door een ATB-spoel die aan het rijtuig is bevestigd.

alt

Een ATB-spoel onder een metrorijtuig van het type M.

Lichtsignalen in de cabine

Onder ieder metrorijtuig hangen vier ontvangstspoelen, die de ontvangen frequentie omzetten naar een lichtsignaal in de cabine, een zogenaamd "rijbegrip". De frequentie wordt in de spoorstaven genjecteerd door ATB-zenders en spoortrafo's. Het rijbegrip is een maximale toegestane snelheid, waar de metrobestuurder zich aan dient te houden. Doet de bestuurder dat niet, dan kan de metrotrein zelf ingrijpen en de metro afremmen naar de maximale toegestane snelheid.

De ATB kan op geen enkele wijze door de metrobestuurder uitgeschakeld of overbrugd worden. Een metro rijdt niet zonder ATB, de ATB is immers een rijvoorwaarde. Geen ATB betekent niet rijden. Wel kan de afdeling Signalering & Telecommunicatie (S&T) de ATB in het metrorijtuig overbruggen, bij bijvoorbeeld technische proeven of in noodgevallen.

alt

De huidige Siemens-spoortrafo's, die over het gehele metronet liggen, met uitzondering van de trajectdelen Marconiplein - Tussenwater en de De Tochten - Nesselande.

Sneltram

Er staan alleen signaallampen langs het sneltramtraject, om de bestuurder van de metrosneltram te laten weten of de rest van de kruising 'rood' heeft en de kruising veilig genaderd kan worden. Er gaat dan een wit licht knipperen. Indien er een AHOB staat, gaat er een oranje lamp branden. De verkeerslicht-installatie is NIET gekoppeld aan het ATB-systeem. Het AHOB-systeem daarentegen is wel gekoppeld aan het ATB-systeem. Zodra een vertreksverbod wordt gesteld op een station, in de nabijheid van een gelijkvloerse kruising, zal de AHOB niet sluiten. Dit ter voorkoming dat een kruising voor niets dichtgaat, en het verkeer stil zal staan.

Rijbegrippen

Er zijn diverse rijbegrippen. In de nieuwste voertuigen verschijnt de toegestane snelheid in een display en een pijl op de snelheidsmeter die aangeeft wat de maximale snelheid is in de betreffende sectie. De maximale snelheid is afhankelijk van andere treinen in de buurt van de sectie, spoorbreuken, foutieve wisselstanden en ligging van de baan.

(BLAUW) Vertreksverbod

Metro/sneltram mag niet verder dan einde perron. Rijdt de metro/sneltram verder dan einde perron zonder elke 7 seconden de permissieftoets te bedienen, dan brengt de metro zichzelf tot stilstand.

Een vertreksverbod wordt gegeven wanneer er te vroeg op een station gearriveerd wordt of wanneer het perron niet verlaten mag worden bij bijv. een calamiteit.

Bij dit rijbegrip moet de permissieftoets elke 7 seconden ingedrukt worden, t.b.v. het wegdrukken van een akoestisch signaal.

Maximaal toegestane snelheid is 50 km/h.

De blauwe lamp 'STATION' licht op.

(ROOD) 0 Permissief

Gevaarlijk sein, hierbij moet de permissieftoets elke 7 seconden ingedrukt worden. Deze bedrijfstoestand komt voor als er twee metro's in n sectie rijden, bijvoorbeeld bij koppelen.

Rijbegrip van toepassing op de hoofdrijbaan.

De lamp '10' brandt, elke 7 seconden een akoestisch signaal dat weggedrukt behoort te worden met de permissieftoets.

Maximaal toegestane snelheid is 10 km/h.

(DONKERROOD) 0 Absoluut actief

Absoluut stopsignaal. De metro staat stil en staat d.m.v. een dwangrem actief geremd.

De dienstleiding kan een hulprijsignaal geven, 20 permissief of hoger.

Wegrijden na ontvangst hulprijsignaal is mogelijk, mits er gedeblokkeerd wordt met de daarvoor bedoelde toets.

Maximaal toegestane snelheid is 0 km/h.

De lamp 'STOP' brandt.

(DONKERROOD) 0 Absoluut passief

Absoluut stopsignaal. De metro staat stil en staat d.m.v. een dwangrem actief geremd.

De dwangrem is te lossen d.m.v. de deblokkeertoets.

Na het uit/inschakelen van het treinstel zal het rijbegrip '0 permissief' terugkomen en kan de sectie bereden worden (nul-absoluutafschakeling).

Maximaal toegestane snelheid is 0 km/h.

De lamp 'STOP' brandt.

(ROOD) 10 Absoluut

Gevaarlijk sein, hierbij moet de permissieftoets elke 7 seconden ingedrukt worden, t.b.v. het wegdrukken van een akoestisch signaal.

Deze bedrijfstoestand komt met name voor bij wisselcomplexen. Maximaal toegestane snelheid is 10 km/h.

Lamp 'Remmen' brandt.

(GEEL) 20 Permissief

Toegestane snelheid is 20 km/h, permissieftoets moet elke 7 seconden bediend worden t.b.v. het wegdrukken van een akoestisch signaal.

Komt voor bij het naderen van een bezette sectie.

De lamp '20' brandt.

Dit rijbegrip wordt ook toegepast bij het geven van een hulprijsignaal.

(GROEN) Groen 35

Maximaal toegestane snelheid is 35 km/h.

De lamp '35' brandt.

Dit rijbegrip komt voor bij het naderen van een bezette sectie en bij het naderen of berijden van een wisselcomplex.

(GEEL) Geel 50

Maximaal toegestane snelheid is 50 km/h. Rijden op zicht. ATB-storingslamp licht op. Tot nu toe komt Geel 50 alleen voor op de President Rooseveltweg, voor de splitsing tussen Ommoord en Nesselande.

Permissieftoets behoort elke 7 seconden ingedrukt te worden, t.b.v. het wegdrukken van een akoestisch signaal.

Lamp '50' (geel) brandt.

(GROEN) Groen 50

Maximaal toegestane snelheid is 50 km/h.

Volledig bewaakt rijbegrip.

De lamp '50' (groen) brandt.

(GROEN) Groen 60

Maximaal toegestane snelheid is 60 km/h

Volledig bewaakt rijbegrip.

Dit rijbegrip is alleen van toepassing in de Bombardier-rijtuigen.

Bij Type T licht de lamp "Groen 50" op bij het ontvangen van dit rijbegrip.

Signalering komt voor in sommige secties op lijn D en in het wisselcomplex Nesselande.

(GROEN) Groen 70

Maximaal toegestane snelheid is 70 km/h.

Volledig bewaakt rijbegrip.

De lamp '70' brandt.

(GROEN) Groen 80

Maximaal toegestane snelheid is 80 km/h.

Volledig bewaakt rijbegrip.

De lamp '80' brandt.

Locomotieven en werkmaterieel

De oudere diesellocomotieven van het metrobedrijf zijn niet uitgerust met ATB. De locomotieven mogen daarom alleen de hoofdbaan op als dat echt nodig is. 's Nachts worden de locomotieven ook ingezet bij werkzaamheden. De Centrale Verkeersleiding begeleidt de werkwagens dan.

Locomotief 6201 is wel voorzien van ATB.


Tags: metro, static,